![]() |
|||||||||||
![]() |
|||||||||||
![]() |
|||||||||||
![]() |
![]() |
||||||||||
Knappe koppen, harde bewijzen! – wetenschappers tegen de misdaad Tegenwoordig zijn de speurders in misdaadromans academisch gevormd. Ze zijn toxicoloog, patholoog-anatoom of ballistisch expert. Ze weten alles van DNA, bloedsporen en kogelinslagen. Niet het pistool is hun wapen maar de scalpel. Ze bedrijven forensisch onderzoek en zetten hun wetenschappelijke kennis in om misdrijven op te lossen. Het begon allemaal met Edgar Allan Poe, grondlegger van het moderne detectiveverhaal (De moorden in de Rue Morgue, 1841). Hij voorzag zijn detective C. Auguste Dupin van grote analytische gaven. Hetzelfde deed Arthur Conan Doyle (1859 – 1930) met zijn hoofdpersoon Sherlock Homes, die misdaden oploste door observatie en deductie. Een wetenschappelijke benadering. In 1977 kwam er zelfs een nieuw genre bij: Robin Cook publiceerde het boek Coma en de medische thriller, waarin artsen medische misdrijven oplossen, was geboren. |
thematitelsDe populariteit van de forensische thrillers is nog steeds groeiende. Laat u op ideeën brengen in de boekwinkel. Of in de bibliotheek. Klik hier voor de thematitels. |